1.Het is verboden een uitweg te maken naar de weg of verandering te
brengen in een bestaande
uitweg naar de weg indien:
degene die voornemens is een uitweg te maken naar de
weg of verandering te brengen in
een bestaande uitweg naar de weg daarvan niet van
tevoren melding heeft gedaan aan het college, onder
indiening van een situatieschets van de gewenste
uitweg en een foto van de bestaande situatie;
of
het college het maken of veranderen van de uitweg
heeft verboden.
Het college verbiedt het maken of veranderen van de uitweg
indien:
daardoor het verkeer op de weg in gevaar wordt
gebracht;
dat zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare
parkeerplaats;
het openbaar groen daardoor op onaanvaardbare wijze
wordt aangetast; of
er sprake is van een uitweg van een perceel dat al
door een andere uitweg wordt
ontsloten, en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van
een openbare parkeerplaats of het openbaar groen.
3.De uitweg kan worden aangelegd indien het college niet binnen vier
weken na ontvangst van de
melding heeft beslist dat de gewenste uitweg wordt verboden.
4.Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op situaties
waarin wordt voorzien door de Wet beheer
Rijkswaterstaatswerken, de Waterschapskeur of het
provinciaal wegenreglement.
Hoofdstuk 2 › Afdeling 5
Artikel 2:8
Maken, veranderen van een uitweg
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening voor de gemeente Maasgouw