Voor de toepassing van deze verordening wordt:
a. onder gemeentelijke riolering mede het voor de openbare dienst bestemde gemeentewater begrepen;
b. onder eigendom verstaan een gebouwde onroerende zaak of roerende zaak;
c. onder aansluiting van een eigendom het leggen door of namens de gemeente van een buisleiding van het in of nabij de openbare weg aanwezige hemelwater-, droogweer- of gemengd afvoerstelsel tot aan het eigendom ten behoeve waarvan de aansluiting geschiedt er toe dienende om ten behoeve van een eigendom een directe of indirecte lozing op de gemeentelijke riolering mogelijk te maken.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening éénmalig rioolaansluitingsrecht Drechterland 2006