De leidinggevende is verantwoordelijk voor een adequate bezetting van de afdeling.
Twee keer per jaar overleggen de leidinggevende en de medewerker over de werktijden in relatie tot de planning van de werkzaamheden van de medewerker. Bijstelling van de afspraken kan in overleg plaatsvinden. De leidinggevende en de medewerker zijn beiden verantwoordelijk voor het nakomen van deze afspraken. Deze gesprekken maken onderdeel uit van de gesprekscyclus.
De volgende onderwerpen worden in elk geval besproken:
het aantal uren per werkdag dat de medewerker normaal gesproken werkt;
de bezetting van de afdeling en de bereikbaarheid voor klanten;
meer of minder gewerkte uren in afwijking van de gemaakte afspraken.
Als de medewerker binnen het dagvenster moet werken buiten de afgesproken werktijden, worden de gewerkte uren op een ander moment gecompenseerd. De leidinggevende en de medewerker maken afspraken over wanneer deze uren opgenomen worden. Deze uren kunnen niet worden omgezet in verlofuren.
Artikel 5 Plaats- en tijdonafhankelijk werken
De medewerker kan de leidinggevende verzoeken om incidenteel thuis of elders te werken.
De leidinggevende kan dit verzoek afwijzen als het voor de werkgever niet wenselijk is dat de medewerker thuis of elders werkt en/of als de medewerker geen computer en geschikte ruimte heeft die voldoet aan de eisen gesteld in de Arbeidsomstandighedenwet.
De leidinggevende maakt afspraken met de medewerker over het resultaat van de te verrichten werkzaamheden. Deze afspraken worden vastgelegd in het personeelsdossier.
Artikel 6 Buitendagvenstervergoeding
Als de medewerker buiten het dagvenster werkzaamheden moet verrichten, komt hij in aanmerking voor de buitendagvenstervergoeding zoals beschreven in artikel 3:8 CAR-UWO. Deze vergoeding bedraagt per gewerkt uur een percentage van het uurloon. De gewerkte uren buiten het dagvenster worden gecompenseerd in tijd.
Over het opnemen van de compensatie-uren maakt de medewerker afspraken met zijn leidinggevende. De uren die buiten het dagvenster gewerkt worden, kunnen niet worden omgezet in verlofuren.
De medewerker, die een functie bekleedt waaraan een functieschaal 11 of hoger is verbonden, heeft conform artikel 3:8 CAR-UWO geen recht op een buitendagvenstervergoeding.
Artikel 7 Beschikbaarheiddiensten
De medewerker die aangewezen is voor het verrichten van beschikbaarheiddiensten heeft recht op een standaardvergoeding zoals opgenomen in de beloningsregeling.
Indien de medewerker opgeroepen wordt tijdens de beschikbaarheiddienst en werkzaamheden verricht binnen het dagvenster, heeft de medewerker recht op compensatie in tijd. Over het opnemen van deze compensatie-uren maakt de medewerker afspraken met zijn leidinggevende.
Indien de medewerker wordt opgeroepen tijdens de beschikbaarheiddienst en werkzaamheden verricht buiten het dagvenster, komt hij in aanmerking voor de buitendagvenstervergoeding zoals beschreven in artikel 3:8 CAR-UWO. Deze vergoeding bedraagt per gewerkt uur een percentage van het uurloon. De gewerkte uren buiten het dagvenster worden in tijd gecompenseerd. Over het opnemen van deze uren maakt de medewerker afspraken met zijn leidinggevende. Deze uren kunnen niet worden omgezet in verlofuren.