Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 25.

Hoogte van de subsidie

Onderdeel van Subsidieregeling kunst en cultuur gemeente Steenbergen 2015

1.. Het toegekende subsidiebedrag wordt vastgesteld aan de hand van het belastbaar verzamelinkomen van een aanvrager. 2.. De aanvrager kan voor een cursus in aanmerking komen voor een subsidie: van 90% van het lesgeld bij een belastbaar verzamelinkomen van minder dan € 17.000; van 75% van het lesgeld bij een belastbaar verzamelinkomen van € 17.001 tot € 22.500; van 65% van het lesgeld bij een belastbaar verzamelinkomen van € 22.501 tot € 28.000; van 50% van het lesgeld bij een belastbaar verzamelinkomen van € 28.001 tot € 33.500. 3.. De maximale subsidiabele kosten van het lesgeld, als bedoeld in het vorige lid, bij een cursus op het gebied van muziek bedraagt € 910. 4.. De maximale subsidiabele kosten van het lesgeld, als bedoeld in het tweede lid, bij een cursus op het gebied van dans, theater of beeldende kunst, bedraagt € 500. 5.. De aanvrager kan, in afwijking van het tweede lid, voor een cursus op het gebied van Algemene Muzikale Vorming (AMV) of Voorbereidend Instrumentaal Onderwijs (VIO), in aanmerking komen voor een subsidie: van 85% van het lesgeld bij een belastbaar verzamelinkomen van minder dan € 17.000; van 50% van het lesgeld bij een belastbaar verzamelinkomen van € 17.001 tot € 22.500; van 30% van het lesgeld bij een belastbaar verzamelinkomen van € 22.501 tot € 28.000; van 10% van het lesgeld bij een belastbaar verzamelinkomen van € 28.001 tot € 33.500. 6.. De maximale subsidiabele kosten van het lesgeld, als bedoeld in het vorige lid, bedraagt € 120. 7.. Het college kan besluiten om de hoogte van de subsidie vast te stellen voor 1 mei voor het daaropvolgende cursusjaar.

Rechtspraak bij dit artikel