Aan een vergunning als bedoeld in artikel 21 van de wet kunnen de volgende voorwaarden en voorschriften verbonden worden:
een beperkte geldingsduur van de vergunning, indien de vergunning voorziet in een tijdelijke behoefte, en
indien de vergunning betrekking heeft op omzetting van zelfstandige naar onzelfstandige woonruimte, in het belang van een geordend woon- en leefmilieu in de omgeving van de woning waarop de aanvraag betrekking heeft.
HOOFDSTUK 2. › § 2.1
Artikel 4
Voorwaarden en voorschriften
Onderdeel van Huisvestingsverordening, onderdeel woonruimtevoorraad, Leiden 2015