**1..** Voor zover het verstrekken van de subsidie heeft geleid tot vermogensvorming, is de subsidieontvanger een vergoeding verschuldigd aan het college. De vergoeding is slechts verschuldigd indien:
de subsidieontvanger voor de gesubsidieerde activiteiten gebruikte of bestemde goederen vervreemdt of bezwaart of de bestemming daarvan wijzigt;
de subsidieontvanger een schadevergoeding ontvangt voor het verlies of beschadiging van voor de gesubsidieerde activiteiten gebruikte of bestemde goederen;
de gesubsidieerde activiteiten geheel of gedeeltelijk worden beëindigd;
de subsidieverlening of de subsidievaststelling wordt ingetrokken of de subsidie wordt beëindigd, of
de rechtspersoon die de subsidie ontving wordt ontbonden.
**2..** De vergoeding wordt vastgesteld binnen een jaar nadat het college op de hoogte is geraakt of zou kunnen zijn geraakt van de gebeurtenis die het recht op vergoeding deed ontstaan, doch in ieder geval binnen vijf jaren na de bekendmaking van de laatste beschikking tot subsidievaststelling. Het college kan nadere regels vaststellen met betrekking tot de vaststelling tot de hoogte van de vergoeding.