In het coalitieprogramma 2014-2018 en het hierop aansluitende collegeprogramma staat over de fysieke leefomgeving het volgende opgenomen. Vergunningverlening, toezicht en handhaving vinden gestructureerd en consequent plaats op basis van actuele wetgeving. Regelgeving wordt waar mogelijk vereenvoudigd ten dienste van burgers, bedrijven en organisaties. Binnen de bebouwde kom vindt alleen nieuwbouw plaats bij herstructurering. Buiten bebouwde kom vindt alleen nieuwbouw plaats in Meerburg en Zwethof.
Nieuwe vormen van bedrijvigheid kunnen zich voldoende ontwikkelen binnen de bestaande planologische kaders.
Het bestuur wil in een vroegtijdig stadium in gesprek gaan met burgers, instellingen en bedrijven, hen uit nodigen en faciliteren om gezamenlijk initiatieven op te pakken en te ontwikkelen. Daarnaast worden burgers vroegtijdig betrokken bij veranderingen in de woonomgeving. Zij worden vervolgens goed geïnformeerd over de besluitvorming hierover.
De economische en recreatieve functie van het Groene Hart wordt bevorderd. Er vindt een dialoog plaats met agrariërs en andere betrokkenen over intensieve veehouderij, landschappelijke inpassing, dierenwelzijn, milieu en recreatieve ontwikkelingen. Daarnaast wordt aangegeven dat het Groene Hart zijn karakter dient te behouden.
Afvalinzameling is ingericht met focus op recycling. Burgers en bedrijven worden gestimuleerd om afvalstromen zoveel mogelijk bij de bron aan te pakken.
Er moet aandacht zijn voor leefbaarheid en voldoende ruimte voor groen en speelgelegenheid.
Rode draad in deze kaders is vereenvoudiging van regelgeving ten behoeve van de burgers en bedrijven waardoor initiatieven en bedrijvigheid zich kunnen ontwikkelen. Daarnaast ligt de focus op het behoud van het landelijk gebied.
Uit deze zaken vloeit voort dat vergunningverlening, toezicht en handhaving gestructureerd plaats moeten vinden en het landelijk gebied behouden dient te worden met oog voor de belangen van agrariërs, dierenwelzijn, milieu en recreatieve ontwikkelingen.
Hoofdstuk 2
Artikel 2.2