Vanaf 1 januari 2006 kent de Belastingdienst de zogenaamde ‘Huurtoeslag’. Iedereen die een woning bewoont met een te hoge huur in verhouding tot het inkomen en vermogen, kan in aanmerking komen voor een toeslag, mits de huur niet hoger is dan de huurgrenzen zoals genoemd in artikel 13 van de Wet op de huurtoeslag (WHT). De beoordeling van de inkomenssituatie vindt plaats over het lopende inkomen van belanghebbende.
Iemand die een huurwoning bewoond met een huur die hoger is dan de huurgrenzen zoals genoemd in artikel 13 WHT, komt niet in aanmerking voor een huurtoeslag via de Belastingdienst. Wanneer zo iemand geconfronteerd wordt met een plotselinge inkomensachteruitgang kan er bijzondere bijstand in de vorm van een woonkostentoeslag worden toegekend.
Onder woonkosten wordt verstaan:
-Indien een woning in huur wordt bewoond: de per maand geldende rekenhuur als omschreven in artikel 5 van de Wet op de huurtoeslag;
-Indien een eigen woning wordt bewoond: de tot een bedrag per maand omgerekende som van de hypotheekrente, de in verband met het in eigendom hebben van de woning te betalen zakelijke lasten en een naar omstandigheden vast te stellen bedrag voor onderhoud.
Woonkostentoeslag voor een huurwoning of gehuurde woonwagen:
Indien belanghebbende een woning bewoont waarvan de hoogte van de woonkosten gelet op artikel 13 van de Wet op de huurtoeslag geen belemmering vormt voor toekenning van de huurtoeslag, maar hij door omstandigheden buiten zijn schuld nog geen aanspraak kan maken op deze toeslag, wordt een woonkostentoeslag verstrekt tot de datum waarop de betrokkene wel in aanmerking komt voor huurtoeslag. De woonkostentoeslag is gelijk aan het bedrag van de huurtoeslag die belanghebbende gelet op zijn financiële situatie op grond van de Wet op de huurtoeslag voor de woonkosten per maand zou ontvangen.
Woonkostentoeslag bij een woning in eigendom:
Indien belanghebbende een eigen woning bezit, waar hij tevens woont, en waarvan de hoogte van de woonkosten gelet op artikel 13 van de Wet op de huurtoeslag geen belemmering zou vormen voor toekenning van huurtoeslag, wordt een toeslag verstrekt. De toeslag is gelijk aan het bedrag van de huurtoeslag die belanghebbende op grond van de Wet op de huurtoeslag gelet op zijn financiële situatie voor de woonkosten per maand zou ontvangen.
Woonkostentoeslag voor woonkosten boven de maximale huurprijs, waarvoor men nog in aanmerking komt voor huurtoeslag zoals omschreven in artikel 13, lid 1 sub a van de Wet op de huurtoeslag
Indien belanghebbende een woning in huur of eigendom bewoont, waarvan de hoogte van de woonkosten op grond van artikel 13 van de Wet op de huurtoeslag een belemmering vormt voor toekenning van huurtoeslag, wordt voor de woonkosten tot de maximale huurprijs een toeslag gelijk aan de maximale huurtoeslag en voor de kosten boven de maximale huurprijs een toeslag van 50% van het bedrag waarmee de woonkosten de maximale huurprijs overstijgen, verstrekt. Aan de woonkostentoeslag is de voorwaarde verbonden dat belanghebbende naar vermogen tracht goedkopere woonruimte te verwerven. De toeslag wordt daarom verstrekt over een periode van maximaal één jaar. Het percentage van 50% en de periode waarover de toeslag is toegekend, kan worden verhoogd c.q. verlengd, indien - en voor zover – bijzondere, individuele omstandigheden daartoe noodzaken.
Aan de bijstand verbonden verplichtingen
Bij toekenningsbeschikking wordt de verplichting opgelegd om binnen 4 weken na toekenning bewijs te overleggen waaruit blijkt dat de bijzondere bijstand is aangewend voor het doel waarvoor het is verstrekt. Dit indien de kosten niet voorafgaand aangetoond en geverifieerd kunnen worden.
Verhuisplicht
De woonkostentoeslag wordt toegekend voor de periode van in beginsel één jaar. Daarbij wordt de verplichting opgelegd om te zoeken naar goedkopere huisvesting waarvoor wel recht bestaat op huurtoeslag. De periode waarover de woonkostentoeslag is toegekend kan na afloop met (telkens) een half jaar worden verlengd indien het feit dat de belanghebbende nog niet over goedkopere woonruimte beschikt hem niet te verwijten valt. De verhuisplicht wordt expliciet opgenomen in de toekenningsbeschikking van de woonkostentoeslag. Rekening wordt gehouden met de ‘Beleidsregels krediethypotheek’ van de gemeente Zoeterwoude.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.14
Woonkostentoeslag
Onderdeel van Beleidsregels inkomensondersteuning Participatiewet Gemeente Zoeterwoude 2015