Naar hoofdinhoud
De jaarlijksche erfpachtsom zal telkens na 25 jaren en wel voor de eerste maal 25 jaren na de dagteekening der akte van uitgifte, worden herzien. Bij deze herziening wordt het bedrag van de erfpachtsom vastgesteld door drie deskundigen, te benoemen door Burgemeester en Wethouders en den erfpachter. Indien deze het over de benoeming niet eens kunnen worden, zal elk der partijen een deskundige benoemen en zullen de beide aldus benoemden een derde benoemen. De benoeming van een deskundige door den erfpachter zal moeten geschieden binnen 14 dagen, nadat dezen zal zijn kennis gegeven van de benoeming van een deskundige door Burgemeester en Wethouders gedaan; de benoeming van een derden deskundige zal moeten geschieden binnen 14 dagen nadat de beide benoemde deskundigen daartoe door Burgemeester en Wethouders schriftelijk zijn uitgenoodigd. Wordt een dezer termijnen niet in acht genomen, dan heeft de gemeente het recht alle drie deskundigen aan te wijzen. De uitspraak der deskundigen moet worden gedaan binnen eene maand na de benoeming van den laatstbenoemde. In geen geval zal de erfpachtsom bij herziening lager kunnen worden gesteld, dan het op het tijdstip der herziening telkens geldend bedrag. De kosten op de herziening van den canon vallende zullen door partijen worden betaald ieder voor de helft binnen 14 dagen na opgave dier kosten door de deskundigen.

Rechtspraak bij dit artikel