**1..** De medewerker dient zich allereerst tot zijn leidinggevende te wenden met zijn klacht. De leidinggevende zal als bemiddelaar optreden tussen klager en aangeklaagde.
**2..** Heeft de medewerker reden zich niet tot zijn leidinggevende te wenden, of slaagt de bemiddelingspoging van de leidinggevende niet, dan kan hij zich wenden tot een vertrouwenspersoon ongewenst gedrag. (Daar waar in deze regeling –hij/zijn- staat, wordt ook –zij/haar- bedoeld.)
**3..** De vertrouwenspersoon ondersteunt/begeleidt de medewerker tijdens de behandeling van de klacht, tenzij de klager het noodzakelijk acht dat de commissie een advies uitbrengt.
**4..** In afwijking van lid 3 heeft iedere medewerker het recht zich (eventueel ondersteund door de vertrouwenspersoon) met een klacht tot de commissie te wenden.
Artikel 2.
Het indienen van een klacht
Onderdeel van Regeling klachtenbehandeling ongewenst gedrag op het werk 2015 gemeente Noordoostpolder