De belanghebbende moet het bedrag binnen de gestelde termijn voldoen, maar als dit niet mogelijk is kan het college de aflossing als volgt bepalen:
bij een inkomen op bijstandsniveau het verschil tussen het inkomen en de beslagvrije voet zoals bepaald in de artikelen 475c en 475d van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering bij een inkomen op bijstandsniveau;
bij een inkomen hoger dan bijstandsniveau 50% van de draagkracht met een minimumbedrag zoals vastgesteld onder a.
Hoofdstuk 6.
Artikel 15.
Hoogte aflossingsbedrag bij minnelijke betalingsregeling
Onderdeel van Beleidsregels terugvordering en verhaal participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Nunspeet 2015