Naar hoofdinhoud
1. De hoogte van de subsidie, bedoeld in artikel 2.2, wordt bepaald door het aantal hectares van het desbetreffende natuurbeheertype, en het aantal hectares, meters of stuks van het desbetreffende landschapsbeheertype, te vermenigvuldigen met het tarief vermenigvuldigd met zes jaar. 2. Indien van toepassing wordt het tarief, bedoeld in het eerste lid, verhoogd met: het normbedrag voor monitoring per natuurbeheertype, vermenigvuldigd met het aantal hectares; het normbedrag voor de openstellingsbijdrage, vermenigvuldigd met het aantal hectares; het normbedrag voor de schapentoeslag, vermenigvuldigd met het aantal hectares. 3. Het tarief, bedoeld in het eerste lid, wordt verhoogd met het normbedrag voor de vaartoeslag, vermenigvuldigd met het aantal hectares vermenigvuldigd met zes jaar. 4. Indien toepassing van het eerste en tweede lid ertoe leidt dat de subsidie minder bedraagt dan € 1.200, wordt de subsidie niet verstrekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel