Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Weigering, intrekking- en terugvorderinggronden

Onderdeel van Algemene subsidieverordening gemeente Zwijndrecht 2015

Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid, en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht weigeren burgemeester en wethouders de subsidie in ieder geval: als de Europese Commissie overeenkomstig artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie onverenigbaar is met de interne markt. als het betreft een aanvrager tegen wie een bevel tot terugvordering uitstaat ingevolge een eerdere beschikking van de Europese Commissie waarin de steun onrechtmatig en onverenigbaar met de gemeenschappelijke markt is verklaard. Onverminderd het vorige lid kunnen burgemeester en wethouders de subsidie verder in ieder geval weigeren: de instelling in staat van faillissement is verklaard, surseance van betaling is verleend of wordt opgeheven; conservatoir beslag is gelegd op het vermogen of een deel van het vermogen van de instelling; sprake is van ernstige tekortkomingen in de wijze waarop de instelling haar financiële middelen beheert; de instelling haar activiteiten of werkzaamheden beëindigt; in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitbeoordelingen door het openbaar bestuur; als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen; als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een wettelijk voorschrift; in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde gevallen. Burgemeester en wethouders kunnen een subsidie in ieder geval intrekken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur. Burgemeester en wethouders vorderen een subsidie met rente terug als dit nodig is ter uitvoering van een terugvorderingbesluit van de Europese Commissie of een onherroepelijke rechterlijke uitspraak.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel