De in artikel 2, eerste lid, aanhef en onder a en b, van de wet vervatte
verboden gelden niet ten aanzien van:
musea;
winkels, waar uitsluitend maaltijden, voor directe consumptie
geschikte eetwaren, alcoholvrije dranken en, door middel van een
automaat, tabak en tabaksprodukten, middelen ter voorkoming van
zwangerschap en damesverband plegen te worden verkocht;
winkels waar de bedrijfsactiviteit hoofdzakelijk bestaat uit het
verhuren van voorbespeelde videobanden en andere voorbespeelde
beelddragers, mits in die winkel geen andere goederen worden te koop
aangeboden of verkocht dan videobanden en andere beelddragers,
alsmede tijdschriften en catalogi, die betrekking hebben op het te
huur aangeboden assortiment.