Onverminderd artikel 8.1.2 van de wet doen een jeugdige of zijn
ouders op verzoek of onverwijld uit eigen beweging aan het
college mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan
hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding
kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een
individuele voorziening.
Onverminderd artikel 8.1.4 van de wet kan het college een
beslissing aangaande een individuele voorziening herzien dan wel
intrekken als het college vaststelt dat:
de jeugdige of zijn ouders onjuiste of onvolledige gegevens hebben
verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een
andere beslissing zou hebben geleid;
de jeugdige of zijn ouders niet langer op de individuele
voorziening of op het Pgb zijn aangewezen;
de individuele voorziening of het pgb niet meer toereikend is te
achten;
de jeugdige of zijn ouders niet voldoen aan de voorwaarden van
de individuele voorziening of het Pgb, of;
de jeugdige of zijn ouders de individuele voorziening of het pgb
niet of voor een ander doel gebruiken dan waarvoor het is
bestemd;
een beslissing tot verlening van een Pgb kan worden ingetrokken als
blijkt dat het Pgb binnen zes maanden na uitbetaling niet is aangewend
voor de bekostiging van de voorziening waarvoor de verlening heeft
plaatsgevonden.
Als het college een beslissing op grond van het tweede lid heeft
ingetrokken en de verstrekking van de onjuiste of onvolledige
gegevens opzettelijk heeft plaatsgevonden, kan het college van
degene die opzettelijk onjuiste of onvolledige gegevens heeft
verschaft geheel of gedeeltelijk de geldswaarde vorderen van de
ten onrechte genoten individuele voorziening of het ten onrechte
genoten Pgb.
Het college onderzoekt uit het oogpunt van kwaliteit van de
geleverde zorg, al dan niet steekproefsgewijs, de bestedingen
van Pgb’s.
Artikel 7.
Nieuwe feiten en omstandigheden, herziening, intrekking of terugvordering
Onderdeel van Verordening Jeugdhulp gemeente Velsen 2015