Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2: › Paragraaf 2.1

Artikel 7:

Artikel 7:

Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling "Veiligheidsregio Noord-Holland Noord

1.. Een lid van het Algemeen Bestuur wordt aangewezen voor een periode gelijk aan de zittingsperiode van de gemeenteraad. Het lidmaatschap van het Algemeen Bestuur eindigt op de dag waarop de zittingsperiode van de gemeenteraad afloopt. 2.. Hij die ophoudt lid van de raad of het college van burgemeester en wethouders te zijn van de gemeente, waarvan de raad hem als lid van het Algemeen Bestuur heeft aangewezen, houdt daarmee tevens op lid of plaatsvervangend lid van het Algemeen Bestuur te zijn. 3.. Het aanwijzen van een lid ter vervulling van een plaats die door ontslag, overlijden of om een andere reden openvalt, vindt plaats binnen twee maanden na dit openvallen. 4.. De raad van elke deelnemer kan een door hem aangewezen lid ontslaan indien dit lid het vertrouwen van de raad niet meer bezit. 5.. Een lid van het algemeen bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Van dit ontslag stelt het lid de voorzitter van het Algemeen Bestuur alsmede de raad die het lid heeft benoemd, schriftelijk op de hoogte. Een lid van het Algemeen Bestuur, dat ontslag heeft genomen behoudt zijn lidmaatschap totdat in zijn opvolging is voorzien; 6.. Het lidmaatschap van het Algemeen Bestuur eindigt tevens op het moment van uittreding uit de regeling van de deelnemer die het lid vertegenwoordigt.

Rechtspraak bij dit artikel