Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 2

Artikel 17

Gelegenheid tot het inspreken van burgers

Onderdeel van Reglement van orde voor de gemeenteraad Vlissingen 2007

1.. Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige burgers gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren over geagendeerde onderwerpen. 2.. Het woord kan niet gevoerd worden over benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen; 3.. Degene, die van de gelegenheid tot het inspreken gebruik wil maken, meldt dit aan de griffier en wel uiterlijk voor 12.00 uur van de dag waarop de raadsvergadering wordt gehouden. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en telefoonnummer en het onderwerp waarover hij het woord wil voeren. 4.. De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het belang is van de orde van de vergadering. 5.. Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de spreektijd. 6.. De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft verleend. De voorzitter of een lid van de raad doet een voorstel voor de behandeling van de inbreng van de burger.

Rechtspraak bij dit artikel