De in de titel van dit artikel bedoelde urgentiegrond doet zich voor
als de aanvrager in geval
door de instantie die belast is met de uitvoering van de Wet werk en
bijstand een woonkostentoeslag met verhuisverplichting is toegekend,
of het huishouden houdt in de huidige zelfstandige woonruimte, na
aftrek van de woonlasten, minder dan de helft van de voor dat
huishouden geldende netto-bijstandsnorm over èn de huurprijs van de
woonruimte (wanneer het een huurwoning betreft) ligt boven de voor
het desbetreffende huishouden geldende aftoppingsgrens volgens de
Wet op de huurtoeslag.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2
Artikel 15
Woonlasten
Onderdeel van Huisvestingsverordening Krimpenerwaard 2015