Burgemeester en wethouders kunnen een huisvestingsvergunning intrekken, indien:
de vergunninghouder de erin vermelde woonruimte niet binnen de door burgemeester en wethouders bij de verlening van de vergunning gestelde termijn in gebruik heeft genomen;
de vergunning is verleend op grond van door de vergunninghouder verstrekte gegevens, waarvan deze wist of redelijkerwijs kon vermoeden dat zij onjuist of onvolledig waren.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.2
Artikel 2.2.5
Intrekking
Onderdeel van Huisvestingsverordening regio Utrecht 2015, gemeente Woerden