Het is verboden om zonder vergunning een woonruimte,
aangewezen in artikel 3.1.1:
anders dan ten behoeve van de bewoning of het
gebruik als kantoor of praktijkruimte door de
eigenaar aan de bestemming tot bewoning te
onttrekken waardoor de woonruimte niet langer
geschikt is voor bewoning door een huishouden van
dezelfde omvang als waarvoor deze zonder zodanige
onttrekking geschikt is;
anders dan ten behoeve van de bewoning of het
gebruik als kantoor of praktijkruimte door de
eigenaar met andere woonruimte samen te voegen;
van zelfstandige in onzelfstandige woonruimte om te
zetten;
te verbouwen tot twee of meer woonruimten voor
verhuur.
Vrijstelling van het verbod als bedoeld in artikel 3.1.2 lid
1 a. wordt verleend wanneer aan de volgende voorwaarden
wordt voldaan:
het aantal vierkante meters dat ten behoeve van de
uitoefening van een bedrijf aan de bestemming wordt
onttrokken, beslaat niet meer dan een door
burgemeester en wethouders te bepalen
vloeroppervlakte;
degene die het bedrijf uitoefent is ook de bewoner
van de woonruimte;
de uitoefening van het bedrijf past binnen de
woonbestemming van het pand, dit ter beoordeling van
burgemeester en wethouders.
HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.1
Artikel 3.1.2
Vergunningvereiste
Onderdeel van Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2015, Gemeente Montfoort