Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 3.

Vergoeding naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school

Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer 2015 Geldrop-Mierlo

Een vervoersvoorziening wordt toegekend over de afstand tussen de woning en de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke school, tenzij vervoer naar een verder weggelegen school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen en de ouders met het vervoer naar die school schriftelijk instemmen. Het college stelt nadere regels ten aanzien van de metingsmethodiek ter vaststelling van de afstand zoals bedoeld in artikel 3 eerste lid. Indien ouders een vervoersvoorziening aanvragen voor het bezoeken van een school, die op grotere afstand van de woning is gelegen dan een andere school van dezelfde onderwijssoort, bestaat slechts aanspraak op een vervoersvoorziening naar eerstgenoemde school als door de ouders schriftelijk wordt verklaard dat zij overwegende bezwaren hebben tegen het openbaar onderwijs dan wel tegen de richting van het onderwijs van alle bijzondere scholen van de soort waarop de leerling is aangewezen, die dichterbij de woning zijn gelegen. Het college betrekt bij de beoordeling van de aanvraag van een vervoersvoorziening het ondersteuningsplan, zoals dat is vastgesteld door het samenwerkingsverband na overleg met het college. Recht op een vervoersvoorziening bestaat uitsluitend indien de leerling, blijkens het vervoersadvies niet in staat geacht wordt zelfstandig met de fiets naar school te reizen en er sprake is van: een school voor basisonderwijs die gelegen is op een afstand van meer dan 6 kilometer van de woning of; een school voor speciaal basisonderwijs of speciaal onderwijs die gelegen is op een afstand van meer dan 4 kilometer van de woning. Indien een gehandicapte leerling blijkens het vervoersadvies niet in staat wordt geacht zelfstandig met het openbaar vervoer te reizen, geldt geen afstandscriterium zoals bedoeld in het vijfde lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel