Het college kent aan de ouders van de leerling die een school voor (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, met inachtneming van artikel 16 een vervoersvoorziening toe op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school meer dan zes kilometer bedraagt.
Indien aanspraak bestaat op een vervoersvoorziening en het college desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is, dat de leerling gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan kent het college aan de ouders een vervoersvoorziening toe op basis van de kosten van het openbaar vervoer.
Paragraaf
Artikel 17:
Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer met begeleiding en vervoer per fiets
Onderdeel van Verordening Leerlingenvervoer Uithoorn 2015