In het besluit tot het opleggen van een verlaging van de uitkering als bedoeld in de artikelen 9a, twaalfde lid, en 18, tweede, vijfde en zesde lid, van de Participatiewet, de artikelen 20 en 38, twaalfde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers en de artikelen 20 en 38, twaalfde lid, van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen worden in ieder geval vermeld:
de reden van de verlaging;
de duur van de verlaging;
het bedrag en/of percentage waarmee de uitkering wordt verlaagd, en
indien van toepassing, de reden om af te wijken van de standaardverlaging.
Hoofdstuk 1.
Artikel 2
Het besluit tot opleggen van een verlaging
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, Ioaw en Ioaz Goeree-Overflakkee