Naar hoofdinhoud
1.. De vrijlating van inkomsten uit deeltijdwerk als bedoeld in artikel 31 lid 2 aanhef en onder n en artikel 31 lid 2 aanhef en onder r van de Participatiewet is, naast de wettelijke voorwaarden, van toepassing indien de arbeid volgens het college bijdraagt aan de arbeidsinschakeling. 2.. Het college is van oordeel dat alle arbeid als bedoeld onder het eerste lid bijdraagt aan de ar-beidsinschakeling, met uitzondering van arbeid die reeds is aangevangen voor de ingangsdatum van de uitkering krachtens de Participatiewet, IOAW of IOAZ. 3.. Indien sprake is van een gezin geldt de vrijlating per meerderjarig gezinslid dat voldoet aan het eerste lid. 4.. De vrijlating geldt niet voor het inkomen dat door belanghebbende niet aan het college is gemeld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel