Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 4.2

Rangorde woningzoekenden

Onderdeel van Huisvestingsverordening Gooi en Vechtstreek 2015

De rangorde om in aanmerking te komen voor de huisvestingsvergunning wordt als volgt bepaald: Voor op grond van artikel 4.1 aangewezen woningen: primair de woningzoekende met een urgentie passend bij woningtype en locatie. secundair de woningzoekende die een gemeentebinding heeft als bedoeld in 1.5 onder f, met de hoogste zoekwaarde zoals bepaald in artikel 1.2 binnen deze groep woningzoekenden voor die gemeente, mits de woning wordt aangeboden met de specificatie “gemeentebinding”. tertiair de woningzoekende die ingezetene van de regio is of een maatschappelijke of economische binding heeft met de regio, met de hoogste zoekwaarde zoals bepaalt in artikel 1.2 binnen deze groep woningzoekenden. quartair de woningzoekende die geen ingezetene is van de regio en geen maatschappelijke of economische binding heeft met de regio, met de hoogste zoekwaarde zoals bepaalt in artikel 1.2 binnen deze groep woningzoekenden. Als op grond van lid 1 onder a meerdere urgente woningzoekenden in aanmerking komen: primair woningzoekenden met een urgentie op grond van artikel 2.1 lid 1 en 2. secundair woningzoekenden met een herhuisvestingsurgentie op grond van artikel 2.1 lid 3. In afwijking van lid 2 komen woningzoekenden met een herhuisvestingsurgentie als eerste in aanmerking als sprake is van terugkeer naar de buurt waar de sloop of renovatie heeft plaatsgevonden. Als op grond van lid 2 of 3 meerdere urgente woningzoekenden van dezelfde categorie in aanmerking komen: De woningzoekende met de oudste urgentie. Als er in geval van lid 4 meerdere woningzoekenden zijn met een even oude urgentie: De woningzoekende met de hoogste zoekwaarde. Voor op grond van artikel 4.1 aangewezen woningen, tevens zijnde woonruimte aangeduid als van een bepaalde aard, grootte of prijs als bedoeld in artikel 1.5 geldt in aanvulling op de leden 1 tot en met 5 van artikel 4.2: woonruimte in een jongerencomplex kan met voorrang aangeboden worden aan woningzoekenden tot  23 jaar; woonruimte in een ouderencomplex kan met voorrang aangeboden worden aan woningzoekenden vanaf 55 jaar of 65 jaar en ouder; woonruimte met zorg als bedoeld in artikel 1.5 lid 1 onder b, c en d worden met voorrang aangeboden aan woningzoekenden met een bijpassende zorgindicatie; voor de eerste toewijzing van nieuwbouwwoningen komen woningzoekenden in aanmerking op grond van nader door burgemeester en wethouders te bepalen criteria. Zij vragen advies bij de verhurende corporatie. Als de woningzoekende de woning weigert vervalt zijn rangorde voor deze specifieke woning.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel