Het advies wordt op een zodanig tijdstip gevraagd dat het aan het college uit te brengen advies van wezenlijke invloed kan zijn op het te nemen besluit.
Elk verzoek tot advies wordt vergezeld van een adviesaanvraag. Het advies van de Wmo-raad wordt samen met het collegevoorstel meegestuurd aan de gemeenteraad.
Bij de aanbieding van adviezen kan op verzoek van de Wmo-raad overleg plaatsvinden met het gemeentebestuur dan wel een vertegenwoordiger ervan.
De werkwijze van de Wmo-raad kan worden vastgelegd in een huishoudelijk reglement.
In het geval het college afwijkt van het advies van de Wmo-raad, wordt dit bij het voorstel aan de gemeenteraad vermeld, waarbij tevens is aangegeven op welke onderdelen van het advies wordt afgeweken.
Tussen de wethouder / portefeuillehouder Wmo en de Wmo-raad kan minimaal tweemaal per jaar periodiek overleg plaatsvinden. Voor dit overleg kunnen beide partijen onderwerpen agenderen.
De Wmo-raad heeft minimaal tweemaal per jaar overleg met het Breed Overleg. Het gemeentebestuur stelt de Wmo-raad in staat om deze bijeenkomsten adequaat te organiseren.