**1..** Het college kan een aanvraag om subsidie weigeren:
als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of als ze onvoldoende ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen;
indien de activiteiten van de aanvrager niet passen binnen het door de gemeente vastgestelde beleid;
als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het verrichten van de activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd, bijvoorbeeld indien de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende gelden uit middelen van derden kan beschikken om de kosten van zijn activiteiten te dekken;
in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;
als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor subsidie in aanmerking te komen;
als de subsidieverstrekking in strijd zou zijn met een wettelijk voorschrift;
als de subsidieverstrekking niet is toegestaan totdat de Europese Commissie met toepassing van artikel 108, derde lid, van het Verdrag heeft vastgesteld dat de subsidie verenigbaar is met de interne markt;
in de bij de betrokken subsidieregeling bepaalde gevallen.
**2..** Het college kan een subsidie in ieder geval intrekken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.
Artikel 10
Weigerings- en intrekkingsgronden
Onderdeel van Algemene subsidieverordening Bergen op Zoom 2015