Naar hoofdinhoud

Artikel 14.

Algemene bepalingen bij persoonsgebonden budget

Onderdeel van Besluit Wmo 2016 gemeente Leeuwarden

Indien de gebruiksduur van de voorziening waarvoor een persoonsgebonden budget is verstrekt nog niet is verstreken kan een - aanvullend - persoonsgebonden budget worden verstrekt in de volgende situaties: er is sprake van een gewijzigde omstandigheid die aanpassing dan wel vervanging van de voorziening noodzakelijk maken en/of er is sprake van een calamiteit die cliënt niet is te verwijten. Indien een cliënt die een persoonsgebonden budget-voorziening heeft en hij de voorziening niet meer gebruikt in de gemeente Leeuwarden, dient de cliënt of de nabestaande(n) binnen een redelijke termijn de restwaarde van de voorziening aan de gemeente terug te betalen. Ook kan de voorziening worden ingeleverd bij de gemeente. Het persoonsgebonden budget voor de instandhoudingskosten wordt verrekend voor de nog niet verstreken termijn. De restwaarde van de nieuwwaarde van de voorziening bedoeld in het 2e lid wordt berekend volgens onderstaande methodiek; 0 - < 1 jaar: 70 % 1 - < 2 jaar: 60 % 2 - < 3 jaar: 45 % 3 - < 4 jaar: 35 % 4 - < 5 jaar: 25 % 5 - < 6 jaar: 15 % 6 - < 7 jaar: 5 %. Indien cliënt met een persoonsgebonden budget-voorziening, deze voorziening binnen de afschrijvingstermijn van 7 jaar niet meer gebruikt omdat deze niet meer adequaat is, wordt de restwaarde van de voorziening verrekend met een eventueel nieuw toe te kennen persoonsgebonden budget. De restwaarde van de voorziening wordt berekend volgens de afschrijvingsmethodiek zoals verwoord in lid 3. Het persoonsgebonden budget voor de instandhoudingskosten wordt verrekend voor de nog niet verstreken termijn. Bij een woningaanpassing in de vorm van vervanging van een keuken wordt de hoogte van de vergoeding volgens onderstaande methodiek berekend: 0 - < 5 jaar: 100 % 5 - < 10 jaar: 75 % 10 - < 15 jaar: 50 % 15 - < 20 jaar: 25 % >20 jaar: 0% (in verband met economische afschrijving) H2. Tarieven hulp bij huishouden H2.1 Tarieven hulp bij het huishouden bestaande cliënten (overgangsrecht) Artikel 15. Overgangsrecht hulp bij huishouden geldend tot uiterlijk 1 januari 2016 1.Het bedrag dat per uur wordt vergoed voor hulp bij het huishouden bedraagt voor een: Persoonsgebonden budget hulp bij het huishouden € 17.60 per uur Persoonsgebonden budget hulp bij het huishouden– dienstverlening aan huis € 15.50 per uur 2.Het CAK berekent en int de eigen bijdrage. Uitbetaling van het persoonsgebonden budget vindt plaats via de Sociale Verzekeringsbank, zie artikel 11. Artikel 16 Tarieven hulp bij het huishouden zorg in natura. De hulp bij het huishouden tarieven voor zorg in natura zijn: Hulp bij het Huishouden € 22,25 per uur Hulp bij het huishouden HH3 € 37,55 per uur Het aantal uren en minuten huishoudelijke hulp wordt vastgesteld aan de hand van de noodzakelijk te verrichten werkzaamheden op basis van een gestelde indicatie. H 2.2 Tarieven hulp bij het huishouden nieuwe cliënten en bestaande cliënten na herbeoordeling

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel