Het afleggen van de eed of belofte gebeurt als volgt:
het afleggen en afnemen van de eed of belofte moet staande plaatsvinden;
de burgemeester leest de eedsformule duidelijk voor;
degene, die de eed aflegt, moet vervolgens de twee voorste vingers van zijn rechterhand aaneengesloten opsteken en daarbij de woorden uitspreken: "Zo waarlijk helpe mij God almachtig";
degene, die de belofte aflegt, spreekt de woorden: "Dat beloof ik".