Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.2

Bestuursrechtelijke handhaving

Onderdeel van Uitvoeringsregels handhaving en horeca- en alcoholverstrekkers gemeente Purmerend 2015-2018

Om tot een zo groot mogelijk nalevingsgedrag te komen kunnen er verschillende bestuursrechtelijke sancties worden ingezet. Hierbij is gekeken naar de aard van de overtredingen en wat redelijk en billijk is om te komen tot herstel dan wel voorkomen (preventief) van overtredingen. Hieronder is uiteengezet welke bestuursrechtelijke sancties in worden gezet. Bestuurlijke boete Op basis van de DHW en de WKS is de burgemeester bevoegd om voor de daarin genoemde overtredingen een bestuurlijke boete op te leggen. De bestuurlijke boete is een bestraffende sanctie. Dit betekent dat een aantal waarborgen, zoals de plicht tot het geven van cautie (horen), gelden wanneer een bestuursorgaan voornemens is een bestuurlijke boete op te leggen. De hoogte van de bestuurlijke boete voor overtredingen van de DHW is vastgesteld in het "Besluit bestuurlijke boete Drank- en Horecawet". De hoogte van de bestuurlijke boete voor overtredingen van de WKS zijn bepaald aan de hand van de gemiddelde opbrengsten van de kansspelautomaten. De bestuurlijke boete wordt ingezet om een zogenaamd lik op stuk beleid te kunnen voeren op overtredingen die dermate ernstig zijn dat we daar meteen op willen treden. Door het inzetten van de bestuurlijke boete voelt de overtreder gelijk de consequentie. Door een directe consequentie (financiële prikkel) te verbinden aan een overtreding wordt het naleefgedrag vergroot. Overtredingen met betrekking tot het terras of het sluitingsuur kunnen ook worden afgedaan met een bestuurlijke boete van € 180,--. In deze uitvoeringsregels is daar echter niet voor gekozen omdat de bestuurlijke strafbeschikking al voorziet in directe verbalisering op deze overtredingen. Schorsen/intrekken vergunning of ontheffing Bij overtredingen van de DHW of Apv kan de vergunning of ontheffing eventueel voor een aantal weken (DHW max. 12 weken) worden geschorst. De schorsing wordt net als de bestuurlijke boete gezien als een bestraffende sanctie. De schorsing wordt ingezet als een directe intrekking van de vergunning of ontheffing buiten proportioneel is ten opzichte van de overtreding die wordt geconstateerd. Het aantal weken van de schorsing wordt verhoogd wanneer dezelfde overtreding nogmaals wordt begaan. Wanneer de overtreder dezelfde overtreding blijft begaan, wordt de betreffende vergunning of ontheffing uiteindelijk ingetrokken. Bij bepaalde overtredingen moet de burgemeester conform DHW en WKS overgaan tot intrekking van de vergunning, daarin zit geen beleidsvrijheid. Bij overtredingen waar gekozen is voor direct intrekken van de vergunning maar dit geen vereiste is vanuit regelgeving, is beoordeeld dat het in stand blijven van de vergunning een direct gevaar kan opleveren voor de openbare orde, veiligheid en/of de volksgezondheid. Last onder bestuursdwang De last onder bestuursdwang wordt gebruikt om naleving van regels daadwerkelijk af te dwingen. Deze last wordt opgelegd wanneer er sprake is van een ernstige en spoedeisende overtreding en/of de overtreder zelf niet in staat of bereid is de overtreding zelf te beëindigen of ongedaan te maken. Spoedeisende bestuursdwang De burgemeester is bevoegd om een last onder bestuursdwang op te leggen, echter wanneer bepaalde zaken spoedeisend zijn kan de burgemeester bestuursdwang opleggen zonder voorafgaande last. Indien een situatie zo spoedeisend is, dat een besluit niet kan worden afgewacht, kan terstond bestuursdwang worden toegepast, maar wordt zo spoedig mogelijk nadien alsnog een besluit van bestuursdwang opgemaakt. Dit kan ook gelden voor overtredingen waarvoor een andere sanctiestrategie is vastgesteld in deze uitvoeringsnota. Last onder dwangsom De last onder dwangsom wordt gebruikt om door middel van een financiële prikkel een overtreding te laten beëindigen dan wel niet meer zal optreden (preventief). De dwangsom wordt in principe per termijn of per constatering opgelegd. Wanneer de dwangsom niet leidt tot het gewenste nalevingsgedrag kan vervolgens een last onder bestuursdwang of een nieuwe last onder dwangsom met hogere dwangsombedragen worden opgelegd. De hoogte van de dwangsommen voor de DHW en de WKS zijn gekoppeld aan de bedragen van de bestuurlijke boetes. Bij de hoogtes van de dwangsommen bij de Apv is gekeken naar de aard van de overtreding en de financiële prikkel die we vervolgens met de dwangsom willen geven om te komen tot beëindiging van de overtreding. Tijdelijk stilleggen alcoholverkoop (Three Strikes Out) Dit betreft een sanctie die alleen bij overtreding van artikel 20, lid 1 van de DHW (alcoholverkoop aan 16-minners) kan worden opgelegd aan detailhandel die zwak- alcoholhoudende dranken voor gebruik elders dan ter plaatse verkoopt. Deze sanctie houdt in dat de verkoop van alcohol kan worden verboden (max. 12 weken) wanneer voor de derde maal in één jaar wordt geconstateerd dat zwak- alcoholhoudende dranken worden verstrekt aan personen die niet onmiskenbaar de leeftijd van 16 jaar hebben bereikt. Ontzegging In de DHW heeft de burgemeester de bevoegdheid om personen de toegang tot ruimte te ontzeggen waar in strijd met de wet alcoholhoudende drank wordt verstrekt. Dit middel wordt ingezet bij inrichtingen die zonder geldige drank- en horecavergunning alcoholhoudende dranken verstrekken. Sluiting De burgemeester kan op grond van artikel 174 van de Gemeentewet bevelen geven een inrichting voor bepaalde tijd te sluiten om zodoende de openbare orde en veiligheid in en rond de inrichting te laten herstellen. Tijdelijke sluiting oftijdelijk andere sluitingstijden In het belang van de openbare orde, veiligheid, zedelijkheid of gezondheid, of in geval van andere bijzondere omstandigheden, te zijner beoordeling, op grond van artikel 110d van de Apv kan de burgemeester tijdelijke sluiting bevelen of tijdelijk andere sluitingstijden vaststellen. Verjaring Het is niet redelijk als overtredingen oneindig mee blijven tellen in het stappenplan voor sanctionering. Daarom geldt er een verjaringstermijn voor in het verleden gesanctioneerde overtredingen. Een overtreding waar een waarschuwing of een bestuurlijke maatregel op is gevolgd, blijft gedurende een aaneengesloten tijdvak van een jaar meetellen om te bepalen welke stap uit het stappenplan moet worden genomen. Dus, indien dezelfde overtreding binnen een jaar nogmaals wordt geconstateerd dan volgt de volgende stap uit het stappenplan. Indien er een tijdsverloop van meer dan een jaar zit tussen de laatste overtreding en een nieuwe, zelfde overtreding, dan wordt het stappenplan weer vanaf stap 1 gevolgd. De verjaringstermijn geldt tussen iedere stap uit het stappenplan en vanaf het moment dat de overtreding is geconstateerd. Indien op een geconstateerde overtreding een tijdelijke sluiting of schorsing volgt, wordt de verjaringstermijn verlengd met de duur van de sluiting of schorsing. Uitzondering Wanneer bij een horeca-inrichting overtredingen plaatsvinden van de Apv en er bij deze horeca-inrichting al eerder andere overtredingen van de Apv in het voorafgaande jaar zijn gesanctioneerd, worden deze meegewogen bij de in te zetten sanctie. Naar oordeel van de burgemeester kan dan één stap of meerdere stappen worden overgeslagen in de sanctionering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel