**1..** Indien enig jaar een batig saldo oplevert wordt dit saldo
toegevoegd aan het weerstandsvermogen van de Omgevingsdienst.
Het weerstandsvermogen mag maximaal 10% van de jaaromzet
bedragen. Voor zover het batig saldo van enig jaar zou leiden
tot een weerstandsvermogen van meer dan 10% van de jaaromzet,
wordt het saldo boven de 10 % gerestitueerd op basis van de in
lid 3 opgenomen verdeelsleutel, tenzij een meerderheid van de
gemeenten gemotiveerd instemt met een doelreservering van het
batig saldo voor de Omgevingsdienst. Het algemeen bestuur stelt
hiertoe een voorstel vast.
**2..** Indien enig exploitatiejaar een nadelig saldo oplevert en het
weerstandsvermogen ontoereikend is om dit nadelige saldo te
dekken, stelt het algemeen bestuur een plan vast dat is gericht
op het afbouwen en/of dekken van het nadelig exploitatie-saldo,
het algemeen bestuur bepaalt tevens of en zo ja, tot welk bedrag
de gemeenten zullen bijdragen in het nadelig exploitatiesaldo.
Het bedoelde plan wordt niet eerder vastgesteld dan nadat de
raden van de gemeenten gedurende een termijn van acht weken in
de gelegenheid zijn gesteld om hun mening ten aanzien van het
plan naar voren te brengen.
**3..** Wanneer het algemeen bestuur overeenkomstig het gestelde in het
tweede lid een besluit heeft genomen omtrent het bijdragen door
de gemeenten in het nadelig exploitatiesaldo, wordt het nadelig
exploitatiesaldo door de gemeenten gedragen in verhouding tot
het aantal uren, gebaseerd op de taken genoemd in artikel 18 lid
2, dat door ieder afzonderlijke deelnemende gemeente wordt
afgenomen van de Omgevingsdienst en zoals dit is vastgesteld in
de schriftelijke afspraken als bedoeld in artikel 19.
Hoofdstuk 9 › Afdeling 1
Artikel 32
Artikel 32
Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst regio Utrecht