**1..** Het college kan, in aanvulling op de artikelen 11 en 12 van de Asv, aan de subsidieontvanger de volgende verplichtingen opleggen:
de subsidieontvanger verleent alle medewerking aan evaluatie en monitoring van gesubsidieerde activiteiten;
de subsidieontvanger informeert het college onverwijld indien de continuïteit van de gesubsidieerde activiteiten in het geding is;
de subsidieontvanger leeft de op hem rustende verplichtingen uit hoofde van de Wmo en de Jeugdwet en de daarop gebaseerde of daarmee verband houdende wet- en regelingeving na;
de subsidieontvanger blijft gedurende de looptijd van de subsidie voldoen aan de eisen en criteria zoals genoemd in deze subsidieregeling;
de subsidieontvanger is op de hoogte van en neemt, indien nodig, deel aan relevante netwerken voor informatie-uitwisseling en gebruikt stedelijke expertisecentra bij het uitvoeren van haar dienstverlening;
de subsidieontvanger is op de hoogte van en sluit aan bij stedelijke en gebiedsgerichte ontwikkelingen op het gebied van welzijn en zorg;
de subsidieontvanger bepaalt op basis van behoefteanalyse van het gebied, die aansluit op gevraagde resultaten, de inzet van personeel en verkrijgt voor die inzet op voorhand instemming van het college;
de subsidieontvanger draagt er zorg voor dat de beroepskrachten continu worden opgeleid en bijgeschoold op basis van relevante ontwikkelingen.
**2..** Het college kan daarnaast bij subsidieverlening nog overige doelgebonden verplichtingen opleggen.