**1..** De subsidieverlening kan, naast de in artikelen 4:25, 4:35 Awb en artikel 9 van de Asv genoemde gevallen, geweigerd worden indien een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat:
**a..** de activiteiten blijkens de ingediende begroting een onvoldoende betrouwbare financiële basis hebben;
**b..** de activiteiten geen aantoonbare bijdrage leveren aan het integrale aanbod;
**c..** de activiteiten onvoldoende bijdragen aan de doelstellingen van de Wmo en de Jeugdwet en de functies als bedoeld in artikel 2 lid 1;
**d..** de subsidieaanvrager niet voldoet aan de in artikel 5 gestelde eisen;
**e..** de activiteiten gericht zijn op ondersteuning en belangenbehartiging van specifieke doelgroepen.