Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Intrekken en wijzigen vergunning

Onderdeel van Parkeerverordening 2015

Burgemeester en wethouders kunnen een vergunning intrekken of wijzigen: op verzoek van een vergunninghouder; wanneer de vergunninghouder niet meer woonachtig is of geen beroep of bedrijf meer uitoefent in het gebied, waarvoor de vergunning is verleend; wanneer voor het betreffende gebied het stelsel van vergunningen komt te vervallen; wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de omstandigheden die relevant waren voor het verlenen van de vergunning; wanneer de vergunninghouder niet of niet tijdig aan zijn betalingsverplichting voor zijn vergunning heeft voldaan; wanneer de vergunninghouder in strijd handelt met de aan de parkeervergunning verbonden voorschriften; wanneer de vergunning voor een ander doel wordt gebruikt dan waarvoor de vergunning is afgegeven; wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning onjuiste gegevens zijn verstrekt; om redenen van openbaar belang. De vergunninghouder wordt van het besluit tot intrekking of wijzigen in kennis gesteld. Verbodsbepalingen

Rechtspraak bij dit artikel