Naar hoofdinhoud
Deze beleidsregel wordt aangehaald als ‘Beleidsregel individuele inkomenstoeslag Amersfoort’ Vastgesteld in de vergadering van 7 juli 2015. De secretaris, De burgemeester, PUBLICATIEDATUM: 15 juli 2015 TOELICHTING OP BELEIDSREGEL INDIVIDUELE INKOMENSTOESLAG 2015 GEMEENTE AMERSFOORT De individuele inkomenstoeslag is een extra tegemoetkoming voor belanghebbende(n) die langdurig moeten rondkomen met een laag inkomen en geen uitzicht hebben op inkomensverbetering. Daarmee is het de opvolger van de langdurigheidstoeslag. De Verordening langdurigheidstoeslag is, ondanks de naamswijziging, van rechtswege overgegaan in de Participatiewet, omdat deze inhoudelijk niet gewijzigd is. De criteria om in aanmerking te komen voor de toeslag blijven hetzelfde, nl. dat iemand vijf jaar van een inkomen ter hoogte van 100% van het relevante bijstandsniveau heeft moeten leven. Op die criteria werd al individueel getoetst en dat blijft zo. Het nieuwe artikel 36 in de Participatiewet noemt wel een extra criterium dat het college in beleidsregels verder kan uitwerken. Het gaat om het criterium dat men geen uitzicht op inkomensverbetering mag hebben om in aanmerking te komen voor de individuele inkomenstoeslag. Hierover worden in deze beleidsregel nadere regels gesteld. Uitgangspunt is, dat het recht op individuele inkomenstoeslag gehuwden gezamenlijk toekomt. Indien belanghebbenden op de peildatum, de datum waarop de periode van vijf jaar afloopt, voor de Participatiewet als gehuwd/gezamenlijke huishouding worden aangemerkt, moeten beide belanghebbenden voldoen aan de voorwaarden van artikel 36 Participatiewet. Indien één van beide gehuwden niet voldoet aan deze voorwaarden, hebben beiden geen recht op individuele inkomenstoeslag. Iedere aanvraag wordt beoordeeld op de criteria uit artikel 36 van de Participatiewet en de verordening maar ook op de vraag of er sprake is van ‘uitzicht op inkomensverbetering’. Bij elke aanvraag wordt daarbij gekeken naar de krachten en bekwaamheden van de aanvrager (en eventuele partner) en naar de inspanningen die betrokkene heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen. Als dit is beoordeeld, kan vastgesteld worden of de aanvrager (en/of de eventuele partner) uitzicht heeft op inkomensverbetering. Alleen als daar geen uitzicht op is en er wordt aan de overige voorwaarden voortvloeiend uit artikel 36 Participatiewet en de Verordening voldaan, dan is er recht op de individuele inkomenstoeslag. Artikelsgewijze toelichting.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel