Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te laten verblijven of te laten lopen:
op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig ingerichte kinderspeelplaats, zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen plaats;
binnen de bebouwde kom op de weg zonder dat die hond met een fysieke lijn aangelijnd is;
op de weg indien de hond niet voorzien is van een halsband of een ander identificatiemerk dat de eigenaar of houder duidelijk doet kennen;
op recreatiegebied Zeumeren in de periode van 1 mei tot 1 oktober;
in de natuurgebieden van Staatsbosbeheer en het Geldersch Landschap en Kasteelen zonder dat de hond met een fysieke lijn aangelijnd is.
Het verbod in het eerste lid, onder b, geldt niet voor de hondenuitrenplaatsen (HUP), die door het college als zodanig zijn aangewezen.
Het verbod in het eerste lid, onder e, geldt niet voor de hondenlosloopgebieden, die het college in natuurgebieden heeft aangewezen.
De verboden uit het eerste lid gelden niet voor zover de eigenaar of houder van een hond zich vanwege zijn handicap door een geleidehond laat begeleiden en de hond als zodanig aantoonbaar gekwalificeerd is of indien een eigenaar of houder van een hond deze aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond.
Het college kan ontheffing verlenen van de in dit artikel gestelde geboden.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 56
Loslopende honden
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Barneveld