**1..** Het inkomen van het huishouden moet in redelijke verhouding staan tot de huurprijs van de woonruimte:
Huishoudens met een inkomen van 1,5 maal het norminkomen voor meerpersoonshuishoudens volgens artikel 14 van de Wet op de huurtoeslag kunnen een woonruimte tot de huurprijsgrens huren;
Het inkomen van de huurprijsgrens wordt geïndexeerd in overeenstemming met de indexeringsmethode van de doelgroepgrens in de Wet op de huurtoeslag.
**2..** Voor de bepaling van het inkomen gelden de volgende uitvoeringsregels:
Bij de bepaling van het rekeninkomen kan gebruik gemaakt worden van het meest recente inkomen van de woningzoekende;
De aanvrager kan worden verzocht een inkomensverklaring van de Belastingdienst met betrekking tot het meest recente kalenderjaar te overleggen, ter verificatie van het opgegeven inkomen.
**3..** De grootte van het huishouden moet in redelijke verhouding staan tot de grootte van de woonruimte
woningen met een oppervlakte als bedoeld in artikel 1, sub h van deze verordening vanaf 80 m² worden toegewezen aan huishoudens met minimaal drie leden;
De norm genoemd onder a geldt niet voor woningen met een hogere mate van toegankelijkheid, conform bijlage II, zoals rolstoelwoningen voor mensen met een fysieke beperking en woonruimte bedoeld voor huishoudens die van deze voorraad afhankelijk zijn.
**4..** De functiebeperking van het huishouden, vanuit gemeentelijke indicatiestelling op basis van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, moet in redelijke verhouding staan tot de toegankelijkheid van de woning.