Als er sprake is van een eigen woning en er is sprake van een inkomsten terugval, kan er tijdelijk bijzondere bijstand worden verstrekt voor woonkosten. Er kan in principe slecht een toeslag worden verstrekt als voldaan is aan de volgende voorwaarden:
de in aanmerking te nemen woonlasten zijn, na aftrek van de ontvangsten, hoger dan het bedrag van de toepasselijke basishuur, en;
(verdere) bezwaring van de woning kan niet worden gevergd;
er door belanghebbende in voldoende mate naar zal worden gestreefd naar een nieuwe inkomensvoorziening (indien van toepassing.
Onder woonkosten wordt verstaand de kosten die de eigenaar verschuldigd is voor:
de hypotheekrente (De hypotheekrente wordt voor 70% genomen omdat deze rente ook aftrekbaar is voor de inkomstenbelasting. Het percentage teruggaaf ligt op iets meer dan 30%. Door slechts 70% in de berekening op te nemen hoeft de belastingteruggaaf niet te worden teruggevorderd voor dat gedeelte dat betrekking heeft op de hypotheekrente).
de premie voor de opstalverzekering;
de erfpachtcanon;
de waterschapslasten;
een vast bedrag voor de kosten van groot onderhoud en ingrijpende reparaties. De kosten van groot onderhoud en ingrijpende reparaties wordt vastgesteld conform het budgethandboek NIBUD. Het gaat dan om:
onderhoud woning;
onderhoud CV-installatie.
Deze kosten worden omgerekend naar een bedrag per maand.
Aan de bijstand wordt, met toepassing van artikel 55 Participatiewet, de voorwaarde verbonden dat de belanghebbende omziet naar een goedkopere woning, waarvan de woonlasten in overeenstemming zijn met zijn inkomen. Hier moet de belanghebbende bewijsstukken van overleggen.
Hoogte bijzondere bijstand
De woonkostentoeslag wordt vastgesteld overeenkomstig de Wet op de huurtoeslag.
Bewijsstukken
Bewijsstukken van woonkosten die aanvrager heeft, genoemd onder 1 tot en met 5.
Hoofdstuk 16
Artikel 16.2
Berekening woonkostentoeslag eigenaren
Onderdeel van Beleidsregel Bijzondere Bijstand Gemeente Oldebroek 2015