De accountant is bevoegd tot het opnemen van alle kassen,
waardepapieren en voorraden en het inzien van alle boeken, notulen,
brieven, computerbestanden en overige bescheiden, waarvan hij inzage
voor de accountantscontrole nodig acht. Het college draagt er zorg
voor dat de accountant voor de uitvoering van zijn
controlewerkzaamheden een onbelemmerde toegang heeft tot alle
kantoren, magazijnen, werkplaatsen, terreinen en informatiedragers
van de gemeente.
De accountant is bevoegd om van alle ambtenaren mondelinge en
schriftelijke inlichtingen en verklaringen te verlangen die hij voor
de uitoefening van zijn opdracht denkt nodig te hebben. Het college
draagt er zorg voor dat de desbetreffende ambtenaren hieraan hun
medewerking verlenen.
Het college draagt er zorg voor dat alle organisatie-eenheden zijn
gehouden de accountant alle informatie te verstrekken, zodat de
accountant zich een juist en volledig oordeel kan vormen over de
getrouwheid van de jaarrekening en rechtmatige totstandkoming van de
daarin opgenomen baten, lasten en balansmutaties en het gevoerde
financiële beheer.
Artikel 5