Afhankelijk van de ernst van de gedraging van de leerling en de omstandigheden kan worden afgeweken van dit protocol.
Het gaat in dit protocol over klachten in verband met agressief gedrag van leerlingen tijdens het vervoer.
Uitgangspunt van het protocol is dat de vervoerder zelf de klacht oplost, conform de
afspraken vastgelegd in dit protocol.
Wordt de klacht niet door de vervoerder conform het protocol opgelost dan kan een
medewerker van de gemeente contact opnemen met de vervoerder om zo de klacht op te lossen. De ouders worden daarvan op de hoogte gesteld.
De klacht wordt eerst met de vervoerder besproken. Een medewerker van de gemeente informeert bij de vervoerder wat zij zelf al hebben ondernomen en vraagt een eventueel rapport van de chauffeur op.
2. Indien na het onderzoek blijkt dat sprake is van verwijtbaar gedrag van de leerling volgt een waarschuwingsbrief aan de ouders/verzorgers. In deze brief wordt vermeld dat bij aanhoudende klachten en/of gedragingen uitsluiting volgt van het aangepast vervoer.
3. Bij een volgende klacht vindt onmiddellijke uitsluiting plaats voor een periode van 5 schooldagen. De gemeente zorgt in deze fase voor een extra zitplaats in de taxi om begeleiding van de leerling door de ouders mogelijk te maken. Als er een begeleider meegaat anders dan de ouder of verzorger en hier kosten aan zijn verbonden, zijn de kosten voor de ouder/verzorger. Wanneer ouders niet willen of kunnen voorzien in een begeleider vindt totale uitsluiting plaats van aangepast vervoer.
De gemeente bespreekt dan met ouders een vervoersvoorziening op basis van openbaar vervoer of eigen vervoer al dan niet met begeleiding, indien dit relevant en gewenst is; een en ander binnen de regelingen van de verordening leerlingenvervoer.
Artikel 6.
Ontzeggen van de toegang tot het vervoer door de gemeente
Onderdeel van Uitvoeringsregels leerlingenvervoer 2015