1. Een schriftelijke overeenkomst als bedoeld in artikel 22a, lid 4 en 5 van de Participatiewet wordt als zodanig slechts aangemerkt indien de overeenkomst de volgende onderdelen bevatten:
- naam-, adres- en woonplaatsgegevens van beide partijen;
- aanduiding van de ruimte;
- de ingangsdatum;
- het overeengekomen bedrag;
- de wijze van betaling;
- de samenstelling van het overeengekomen bedrag;
- de looptijd van de overeenkomst;
- jaarlijkse indexering, huurverhoging.
2. Onverminderd de onderdelen van de overeenkomst genoemd in lid 1 geldt in het geval van kostgangers aanvullend:
- dat in de overeenkomst dient te zijn opgenomen welke diensten in de overeenkomst zijn begrepen;
- dat in de overeenkomst dient te zijn opgenomen welke ruimten de kostganger mag gebruiken.
Hoofdstuk 2.
Artikel 8.
Eisen aan te overleggen schriftelijke overeenkomst
Onderdeel van Beleidsregels verlagen bijstandsnorm Oldebroek 2015