**1..** Aan boord van pleziervaartuigen mogen zich niet meer dan twee
gasflessen (butaan of propaan) bevinden, welke zijn aangesloten door
middel van deugdelijke slangen en slangklemmen. De gasfles of
gasflessen dient of dienen deugdelijk te zijn geplaatst, in een
ruimte die voldoende geventileerd is, zo mogelijk buiten het
woonverblijf en buiten de motorruimte.
**2..** Het is verboden motorbrandstof of andere (licht) ontvlambare of
ontplofbare stoffen aan boord van vaartuigen voorhanden te hebben,
anders dan in goed gesloten bussen of tanks.