De deelnemers wijzen de
leden van het algemeen bestuur aan.
De deelnemers wijzen uit zijn midden plaatsvervangende leden van het algemeen bestuur aan.
Als tussentijds een vacature in het algemeen bestuur ontstaat, wijst de deelnemer in zijn eerstvolgende vergadering of ten spoedigste daarna een nieuw lid aan.
Een lid van het algemeen bestuur kan door de deelnemer die hem heeft aangewezen ontslag worden verleend of worden geschorst als dit lid het vertrouwen van die deelnemer niet meer bezit. Het ontslag gaat onmiddellijk in.
Van elke aanwijzing, schorsing of ontslag geeft de deelnemer die het aangaat terstond kennis aan de voorzitter .
Een lid van het algemeen bestuur kan ontslag nemen. Hij stelt de voorzitter en de deelnemer die hem heeft aangewezen hiervan tijdig op de hoogte. Het ontslag gaat in zodra in opvolging is voorzien.
Het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt van rechtswege zodra het lid geen lid meer is van de deelnemer die hem heeft aangewezen.
De leden 1 tot en met 7 zijn van overeenkomstige toepassing op plaatsvervangende leden.
Hoofdstuk 3.
Artikel 12.
Aanwijzing, schorsing en ontslag leden algemeen bestuur
Onderdeel van Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Veluwe