Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 11

Inwerkingtreding en citeertitel

Onderdeel van Beleidsregels Loonkostensubsidie Participatiewet 2015

Deze beleidsregels treden in werking op 1 juli 2015. Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als: Beleidsregels Loonkostensubsidie Participatiewet. Aldus besloten tijdens de vergadering van het college van burgemeester en wethouders der gemeente Heerlen van 14 juli 2015. de gemeentesecretaris, mw. C.L.A.F.M. Bruls de waarnemend burgemeester, mr. drs. F.H.H. Weekers Algemene Toelichting Uitgangspunt van de Participatiewet is dat iedereen, ook iemand met een arbeidsbeperking, in staat moet worden gesteld als volwaardig burger te participeren in de samenleving, bij voorkeur via (regulier) werk. Het doel is dat iedereen economisch onafhankelijk is. Wanneer dat niet lukt of regulier werk (nog) niet mogelijk is, werken mensen op andere manieren naar vermogen. Het college heeft de taak en de ruimte haar inwoners, indien nodig, bij deze inspanningen te ondersteunen. Werk gaat daarbij boven inkomen, zelfredzaamheid en eigen verantwoordelijkheid staan centraal. Onvolledige arbeidsproductiviteit bij de werkgever kan worden gecompenseerd met een loonkostensubsidie. In de Participatiewet is de mogelijkheid opgenomen om werkgevers een loonkostensubsidie te bieden. Dit is specifiek voor mensen met een verlaagde loonwaarde als gevolg van een arbeidsbeperking, die wél mogelijkheden hebben op de arbeidsmarkt maar door ontbrekende arbeidsproductiviteit niet in staat zijn 100% van het wettelijk minimum loon te verdienen. Financiering van de loonkostensubsidie vindt plaats vanuit het inkomensdeel van de Rijksuitkering. Werkgevers worden zo gestimuleerd mensen met een arbeidsbeperking in dienst te nemen. De werkgever ontvangt loonkostensubsidie voor het verschil tussen de loonwaarde en het wettelijk minimum loon. Betaalt de werkgever méér dan het wettelijk minimum loon, dan komt het meerdere voor zijn rekening. Artikelsgewijze Toelichting

Rechtspraak bij dit artikel