Het college weigert de tegemoetkoming indien er sprake is van een voorliggende voorziening. Tot een voorliggende voorziening wordt in ieder geval gerekend:
de wet Kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen;
een vergoeding op grond van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning;
een vergoeding op grond van de Wet langdurige zorg;
de mogelijkheid voor informele opvang;
een bijdrage van de werkgever.