Voor het verlenen van een huisvestingsvergunning kunnen
burgemeester en wethouders een woningzoekende urgent
verklaren, waarbij de volgende voorwaarden alle van
toepassing zijn:
de woningzoekende is ingezetene en
de woningzoekende beschikt over zelfstandige woonruimte in
de woningmarktregio en
er is sprake van een bijzondere persoonlijke noodsituatie en
de noodsituatie is ontstaan buiten eigen schuld en was door
de woningzoekende niet te voorzien en
de woningzoekende kan aantonen eerst zelf naar een oplossing
te hebben gezocht en
een verhuizing binnen zes maanden is noodzakelijk en
de woningzoekende is aantoonbaar niet in staat om zelf
binnen zes maanden voor passende huisvesting te zorgen
en
het inkomen is niet hoger dan € 44.659.
De in het vorige lid gestelde voorwaarden:
zijn niet van toepassing voor urgentie op grond van
maatschappelijke indicatie, indicatie statushouders en
gedupeerden aanbodsysteem.
lid 1e. tot en met 1h. zijn niet van toepassing voor
urgentie op grond van een volkshuisvestelijke
indicatie.
lid 1a. en 1b. zijn niet van toepassing voor urgentie op
grond van een mantelzorgindicatie, waarbij de aanvrager van
een mantelzorgindicatie wel beschikt over zelfstandige
woonruimte.
a. Er zijn de volgende indicatiegronden voor urgentie:
Sociale indicatie
Dreigende dakloosheid buiten eigen schuld of
toedoen
Relatiebeëindiging
Financiële omstandigheden
Medische indicatie
Mantelzorgindicatie
Volkshuisvestelijke indicatie
Maatschappelijke indicatie
Huiselijk geweld
Uitstroom hulp- en dienstverleningsinstelling.
Statushouders
Gedupeerden aanbodsysteem
b. Een urgentie wordt verleend onder de navolgende genoemde
bepalingen:
A.
Sociale indicatie
Sociaal geïndiceerden zijn ingezetenen van de woningmarktregio die
in verband met sociale problemen in combinatie met omstandigheden in
de huidige in de woningmarktregio gelegen woning dringend op korte
termijn een andere woning nodig hebben. Alleen onder de navolgende
genoemde omstandigheden wordt een sociale indicatie verleend:
a.Dreigende dakloosheid buiten eigen schuld of
toedoen
Degenen die buiten eigen schuld of toedoen hun woonruimte moeten
verlaten kunnen uitsluitend in de volgende gevallen in aanmerking
komen voor urgentie:
het onvoorzienbaar moeten verlaten van een echte
dienstwoning, voor zover de werkgever de werknemer tot vrije
oplevering heeft gedwongen of
het verlaten van woonruimte ten gevolge van een gerechtelijk
(niet zijnde echtscheidings-) vonnis, voor zover dit niet
door de betrokkene voorkomen had kunnen worden of
een calamiteit zoals brand of overstroming.
Het verzoek om sociale indicatie voor urgentie moet uiterlijk binnen
een maand na het ontstaan van de dakloosheid buiten eigen schuld of
toedoen worden gedaan.
b. Relatiebeëindiging
In geval van relatiebeëindiging, waaronder begrepen: echtscheiding,
verbreking geregistreerd partnerschap, verbreking
samenlevingscontract en beëindiging samenwoning zonder overeenkomst
wordt slechts urgentie verleend, wanneer:
de partners gedurende minimaal twee aaneengesloten jaren
samen op één adres wo(o)n(d)en en tot minimaal drie maanden
voor de aanvraagdatum werd samengewoond; en
er minimaal één minderjarig kind in het geding is; en
geen van de partners door middel van overname van de
huurovereenkomst of de hypotheek, dan wel op andere wijze in
de woningbehoefte kan of had kunnen voorzien
Wordt aan deze voorwaarden voldaan dan wordt één urgentie toegekend
en wel aan de partner die voor meer dan de helft de zorg voor het/de
minderjarig(e) kind(eren) draagt. Wordt de zorg gelijk verdeeld dan
wordt de urgentie toegekend aan de partner met het laagste inkomen,
tenzij de partners in overeenstemming met elkaar voor toekenning aan
de andere partner kiezen.
Een urgentieaanvraag op grond van relatieverbreking kan worden
ingediend:
bij echtscheiding op het moment dat de aanvraag daartoe bij
de rechtbank is ingediend, maar uiterlijk drie maanden nadat
de rechter de echtscheiding uitsprak;
bij een geregistreerd partnerschap op het moment dat
partnerschap wordt beëindigd maar uiterlijk drie maanden
daarna;
bij een samenlevingscontract op het moment dat de ene partij
het contract conform het daarin bepaalde opzegde, doch
uiterlijk drie maanden daarna of
bij een samenleving zonder contract op het moment dat de ene
partij de ander door middel van een aangetekende brief
kenbaar maakte de samenleving te willen beëindigen.
Bij het ontbreken van de in dit lid bepaalde documenten kan de
aanvraag worden ingediend zodra, doch uiterlijk binnen drie maanden
nadat de samenwoning daadwerkelijk heeft opgehouden te bestaan en
dit ook door middel van het overleggen van een uittreksel van het
gemeentelijke BRP (Basisregistratie Personen).
c.Financiële omstandigheden
Ingezetenen, die de zorg voor minderjarige kinderen hebben en bij
wie de kinderen geregistreerd staan, die buiten eigen schuld
financieel in zodanige problemen zijn geraakt dat zij de woonlasten
niet meer op kunnen brengen, kunnen uitsluitend in aanmerking komen
voor urgentie indien de betrokkene daadwerkelijk in aanmerking komt
voor een uitkering uit een gemeentelijk woonlastenfonds, dan wel een
vergelijkbare gemeentelijke regeling, met daaraan verbonden de
voorwaarde om te zien naar goedkopere woonruimte. De financiële
problemen mogen niet direct het gevolg zijn van
relatiebeëindiging.
B.
Medische indicatie
Ingezetenen, die in een om medische redenen
(fysiek/psychisch) onhoudbare woonsituatie verkeren en om
die reden een indicatie voor andere woonruimte hebben
ontvangen, kunnen in aanmerking komen voor urgentie.
Datzelfde geldt voor ingezetenen die te maken hebben met een
als gevolg van de woonsituatie zeer progressief
ziektebeeld.
Indien in het kader van de Wet maatschappelijke
ondersteuning (Wmo) verhuizing wordt aanbevolen in verband
met ergonomische beperkingen door ernstige fysieke
belemmeringen, kan aan ingezetenen urgentie worden verleend,
mits verhuizen naar oordeel van burgemeester en wethouders
spoedeisend is en de goedkoopste adequate voorziening
is.
C.
Mantelzorgindicatie
1. Burgemeester en wethouders kunnen een urgentie verlenen aan
mantelzorgverleners of mantelzorgontvangers. Hierbij zijn de
volgende voorwaarden alle van toepassing:
burgemeester en wethouders bepalen de zorgvraag en dat de
zorgvraag kan worden beantwoord met mantelzorg;
degenen die mantelzorg verleent / ontvangt dient
ingeschreven te staan als woningzoekende;
degenen die mantelzorg verleent / ontvangt heeft in de
huidige woonsituatie geen huurschulden en heeft geen
overlast veroorzaakt;
de reisafstand tussen mantelzorg en mantelzorgontvanger is
meer dan vijf kilometer en wordt na verhuizing minder dan
vijf kilometer, gemeten volgens de kortst mogelijke
route;
er is sprake van langdurige zorg, dat wil zeggen dat de
mantelzorg voor minimaal acht uur per week is, verdeeld over
minimaal vier dagen per week en naar verwachting nog enkele
jaren wordt verstrekt en
per mantelzorgsituatie wordt eenmalig één urgentie
afgegeven.
2. Overige bepalingen:
de urgentie wordt uitsluitend verstrekt bij een positief
advies van een door burgemeester en wethouders aan te wijzen
instantie uit de huidige woongemeente van de
mantelzorgontvanger en
burgemeester en wethouders kunnen een afwegingskader
opstellen voor de beoordeling.
D.
Volkshuisvestelijke indicatie
Huurders en eigenaar-bewoners van woonruimte in de
woningmarktregio die in het belang van de volkshuisvesting
of ter uitvoering van openbare werken in het algemeen
belang, gesloopt of ingrijpend verbeterd moeten worden,
kunnen in aanmerking komen voor urgentie. Burgemeester en
wethouders bepalen wanneer de urgentie wordt afgegeven.
Burgemeester en wethouders kunnen bij afgifte van de
urgentie als hierboven bedoeld bepalen dat betrokken
bewoners na voltooiing van de werken eenmalig een vooraf te
bepalen passend aanbod krijgen tot terugkeer in het
ingrijpend verbeterde of nieuwgebouwde complex.
E.
Maatschappelijke indicatie
Woningzoekenden die dringend woonruimte nodig hebben omdat
zij verblijven in een van gemeentewege erkend opvangtehuis
in de woningmarktregio of uit een van gemeentewege erkende
hulp- en dienstverleningsinstellingen in de
woningmarktregio, over wie met betrekking tot de
doorstroming naar zelfstandige woonruimte in regionaal of
lokaal verband afspraken zijn gemaakt, kunnen in aanmerking
komen voor een urgentie. Onder deze cliënten worden in ieder
geval verstaan vrouwen die vanwege huiselijk geweld
tijdelijk zijn opgenomen in een “Blijf van mijn lijf” huis.
De gemeente en/of de woningmarktregio maakt afspraken met
instellingen over een jaarlijks contingent voordrachten voor
doorstroming. De afspraken maken onderdeel uit van de
huisvestingsverordening.
F.
Indicatie statushouders indicatie
Op grond van de landelijke taakstelling van het Ministerie van
Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties huisvest de gemeente
statushouders. Toewijzing vindt plaats door middel van bemiddeling.
G.
Indicatie gedupeerden
aanbodsysteem
Burgemeester en wethouders kunnen een woningzoekende de indicatie
gedupeerden aanbodsysteem toekennen. Voorwaarde bij deze indicatie
is een positief advies van de regionale klachtencommissie.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2.5
Artikel 2.5.1
Urgent woningzoekenden
Onderdeel van Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2015