Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 6.

Richtlijnen voor activiteiten podiumkunsten particuliere organisaties

Onderdeel van Subsidieregeling voor subsidiëring door de Culturele Raad Borsele

Voor de activiteiten op het gebied van de podiumkunsten gelden de volgende richtlijnen: 1. het moet gaan om activiteiten dan wel organisaties van (semi-)professionele aard; 2. de subsidiering zal mede afhankelijk zijn van de mate waarin de activiteiten pluriformiteit en spreiding van het aanbod van podiumkunsten in Borsele bewerkstelligen; 3. voor subsidie komen de navolgende kosten in aanmerking: a. zaalhuur; b. huur podiumelementen; c. huur licht en geluid; d. uitkoopsom inclusief reistijd artiesten; e. kosten dirigent; f. verzekeringskosten; g. uitgaven voor kunsteducatieve activiteiten; 4. de navolgende kosten worden in mindering gebracht op de uitgaven: a. inkomsten en entreegelden; b. andere subsidies (rijk/provincie); 5. de volgende kosten komen niet voor subsidie in aanmerking: a. kosten voor representatie, zoals geschenken en bloemen; b. kosten voor consumpties en maaltijden, inclusief catering artiesten; c. kosten voor vergunningen; d. kosten vrijwillige medewerkers; e. voorbereidingskosten (zoals vergaderkosten); f. kosten voor de aanschaf van materialen, kleding en instrumenten; g. publiciteitskosten; 6. aan de vast te stellen subsidie kan een maximum worden gesteld. Hiervoor is de volgende categorie-indeling van kracht: a. categorie A: maximaal € 2.500,- subsidie bij een begroting/rekening tussen de € 15.000,- en € 25.000,-; b. categorie B: maximaal € 1.500,- subsidie bij een begroting/rekening tussen de € 5.000,- en € 15.000,-. c. categorie C: € 500,- subsidie bij een begroting/rekening tot € 5.000,-. 7. Per kalenderjaar wordt voor maximaal twee activiteiten op het gebied van podiumkunsten van dezelfde organisatie subsidie toegekend.

Rechtspraak bij dit artikel