Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 22

Geldlening en borgtocht. (artikel 48 Participatiewet)

Onderdeel van Uitvoeringsregels Participatiewet 2015

1.. Bijstand wordt verleend in de vorm van een geldlening of borgtocht indien redelijkerwijs aangenomen kan worden dat de belanghebbende op korte termijn over voldoende middelen zal beschikken om over de betreffende periode in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien. redelijkerwijs is dat naar verwachting de middelen in het desbetreffende kalenderjaar worden ontvangen of de middelen naar verwachting binnen zes maanden na ingangsdatum van de uitkering worden ontvangen. 2.. Bijstand wordt verstrekt in de vorm van een geldlening indien de noodzaak tot bijstandsverlening het gevolg is van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan als: zeer dringende redenen daartoe noodzaken (artikel 16 Participatiewet) 3.. In afwijking van lid 2 wordt de bijstand om niet verstrekt als er binnen een periode van 36 maanden geen reële aflossingsmogelijkheden zijn. 4.. Bijstand wordt verleend in de vorm van borgtocht (garantstelling) als: het een lening betreft die is afgesloten bij de Gemeenschappelijke Kredietbank en het college de noodzaak en de hoogte van de te verlenen bijstand heeft vastgesteld en er sprake is van echtscheiding of een tijdelijke verblijfsvergunning. 5.. de duur van de borgstelling/garantstelling is beperkt tot de duur dat de echtscheiding in het GBA is ingeschreven of een definitieve vergunning tot verblijf is verleend.

Rechtspraak bij dit artikel