Het is verboden buiten een daarvoor door het college bestemde
plaats en buiten een inrichting in de zin van de Wet
milieubeheer een afvalstof, stof of voorwerp op of in de bodem
te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins
te plaatsen op een wijze die aanleiding kan geven tot hinder of
nadelige beïnvloeding van het milieu.
Het college kan van het verbod als bedoeld in lid 1 ontheffing
verlenen.
Het verbod is niet van toepassing op:
het overeenkomstig deze verordening ter inzameling aanbieden van
huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen;
het thuiscomposteren van groente-, fruit- en tuinafval;
voor zover de (afval)stoffen tijdelijk op de weg geraken of
worden gebracht als onvermijdelijk gevolg van het laden, lossen
of vervoeren van afvalstoffen dan wel het verrichten van andere
werkzaamheden op of aan de weg.
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover de
Wet bodembescherming of het Besluit bodemkwaliteit voorziet in
de beoogde bescherming van het milieu.
Hoofdstuk 5
Artikel 20
Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging
Onderdeel van Afvalstoffenverordening Gemeente Westerveld 2014