Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Begripsbepalingen

Onderdeel van Re-integratieverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ 2015

1. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet IOAW, IOAZ en Bbz 2004. 2. In deze verordening wordt verstaan onder: a. raad: de gemeenteraad van Bergeijk; b.  college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bergeijk; c.  Bbz 2004: Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004; d.  IOAW: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers; e.  IOAZ: Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen; f.   wet: de Participatiewet g.  Anw-gerechtigden: personen met een uitkering volgens de Algemene nabestaandenwet die geregistreerd zijn bij het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen; h.  belanghebbende: de persoon als bedoeld in artikel 10 van de wet en artikel 36 IOAW/IOAZ; i.   mantelzorg: zorgverlening door een natuurlijke persoon die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen personen bestaande sociale relatie zonder dat dit beroeps- of bedrijfsmatig geschiedt; j.   ondersteuning: het aanbieden van een voorziening of het bieden van praktische hulp, advies of doorverwijzing naar derden; k.  uitkeringsgerechtigden: personen die een uitkering ontvangen ingevolge de wet, de IOAW of de IOAZ; l.   UWV: Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen; m. voorziening(en): het geheel van re-integratie-instrumenten dat het college kan aanbieden ter bevordering van arbeidsinschakeling zoals bedoeld in artikel 7 lid 1 sub a van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel